De aandacht voor het principe van informeel leren groeit. Er wordt steeds meer geloofd in het leren buiten school. Bovendien wordt beweerd dat het merendeel van de kennis wordt opgedaan buiten de formele setting van het onderwijs. Het is echter moeilijk een lijn te trekken tussen formeel leren en informeel leren. Om deze begrippen beter te kunnen begrijpen, volgt hieronder eerst een uiteenzetting.
Figuur 1: koppeling tussen leervormen en visies op educatie (Keurntjes, 2008)
Ik citeer Keurntjes (2008)
"Informeel leren is een vorm van
educatie. Educatie is de activiteit van een organisatie dan wel
persoon die doelbewust het leren van anderen wil bevorderen. Het is een
intentionele activiteit gericht op het oproepen van leerervaringen om daarmee
anderen in staat te stellen nieuwe kennis, inzichten of vaardigheden te
ontwikkelen. Educatie betreft het doelgericht bevorderen en ondersteunen van leerprocessen.
Deze definitie van educatie is zeer breed en kan vanuit verschillende visies
worden geïnterpreteerd."
Achtereenvolgens worden 4 visies besproken, die vaak door elkaar heen voorkomen.
Visie 1: educatie = onderwijs
Bij deze visie gaat het om leren door middel van onderwijs op school. Bijvoorbeeld een leerkracht die voor de klas een les Frans geeft.
Visie 2: educatie = themaverdieping door middel van randactiviteiten
Educatie wordt aangeboden als een losse op zichzelf staande activiteit met een begin en een einde. De activiteit is niet gebonden aan een specifieke locatie of instelling en de doelgroep kan verschillen. Voorbeelden zijn workshops, rondleidingen of debatten.
Visie 3: educatie = het publiek bewust maken
Er wordt een bepaalde boodschap overgebracht, zonder dat het publiek zich bewust is van het leren. Bijvoorbeeld bevrijdingsfestivals, waarbij naast het feesten ook wordt stilgestaan bij de 'vrijheid'.
Visie 4: educatie = persoonlijk
Keurntjes (2008): "Het gebeurt niet bewust, is niet
intentioneel en men beseft achteraf niet dat leren heeft plaatsgevonden. Deze
ervaringen zijn niet van tevoren te voorspellen. Ook het effect is persoonlijk.
Iedereen onthoudt iets anders, waardoor deze vorm van educatie moeilijk van
buitenaf te beïnvloeden is. Wat de één positief beoordeelt, beoordeelt de ander
negatief."
Volgens Keurntjes (2008) behoren visie 2 t/m 4 tot het informele leren, wat onder te verdelen is in zelfgestuurd leren, incidenteel leren en socialisatie (Sierens, 2007 in Keurntjes, 2008). Zie onderstaand schema.
|
Formeel
leren
|
Informeel
leren
|
||
|
Visie 1
Onderwijs
|
Zelfgestuurd leren
|
Incidenteel leren
|
Socialisatie
|
|
Visie 2
Themaverdieping
|
Visie 3
Bewust maken
|
Visie 4
Persoonlijk
|
|
Bij zelfgestuurd leren heeft de lerende persoon vooraf de intentie om te leren en beseft deze achteraf iets geleerd te hebben. Bij incidenteel leren bestaat er geen intentie om te leren, maar wordt achteraf wel beseft wat er geleerd is. Socialisatie vindt plaats in het alledaagse leven en betreft normen, waarden, attitudes, gedragingen en worden dus onbewust en ongepland meegenomen. Ervaring neemt bij informeel leren een belangrijke plaats in. Iets wordt echter pas een leerervaring als er leeractiviteiten zijn geweest. Simons (in Keurntjes 2008) heeft hier een mooie weergave van, waarbij niet iedereen op dezelfde plek in het schema begint.
Figuur 2: leeractiviteiten (Simons, 1999 in Keurntjes, 2008)
Hoe zit het nou met lesstof die op een ander moment of op een andere manier wordt aangeboden dan nu het geval is in de klas (formeel leren)? Salman Khan van bedrijf de Khan academy maakte interessante dingen mee toen hij door middel van een YouTube filmpjes wiskunde proberen uit te leggen aan zijn nichtjes en neefjes. Ze vonden het namelijk leuker dan als hij het zelf uitlegde. Vervolgens kreeg hij vele YouTube comments van ouders van wie de kinderen de wiskunde nu begrepen. Zelfs reageerden er leraren, die de filmpjes in de klas wilden gebruiken. In plaats van de opdrachten voor wiskunde thuis te maken, kregen de kinderen nu de opdracht dit tijdens de les te doen, aan de hand van de filmpjes. Kinderen kunnen op die manier leren in hun eigen tempo en kunnen de stof gemakkelijk herhalen of het filmpje pauzeren daar waar nodig. De lessen zijn op die manier niet gericht op de klas in het algemeen, waarbij er zoals het nu is, wordt uitgegaan dat elk kind hetzelfde niveau heeft. In werkelijkheid is dit echter niet het geval, waardoor de gaten tussen wat werkelijk begrepen wordt en wat begrepen zou moeten zijn, steeds groter worden. De leerachterstand wordt hiermee dus steeds groter. Resultaten van het filmpjes-systeem laten zien dat kinderen die misschien wat langzaam leken van begrip bij bepaalde wiskunde onderwerpen, verderop in de lesstof minstens net zo snel bleken als de kinderen die in het begin af aan al goede kennis hadden van de wiskunde. Khan benadrukt dat er technologie wordt gebruikt in de klas om te humaniseren, waarbij direct bepaalde situaties met elkaar kunnen worden besproken en van elkaar geleerd kan worden, in plaats van dat ze hun mond moeten houden en naar de docent moeten luisteren.
Met het gebruik van de filmpjes worden de lessen meer interactief, kan er meer van elkaar geleerd worden (kan dit gezien worden als informeel leren?) en kunnen de leerlingen in eigen tempo leren, wat hun kennis en waarschijnlijk ook hun cijfers ten goede komt. Eigenlijk is dit een verschuiving van 1.0 leren (eenrichtingsverkeer waarbij de docent vertelt en de leerlingen hun mond houden) naar 2.0 leren (de lesstof wordt in eigen tempo en op de eigen manier geleerd). Dit doet me ook weer denken aan de leerstijlen van Kolb, zoals besproken in eerdere colleges. In plaats van de stof aan te bieden in een vorm die gericht is aan alle leerlingen, kunnen ze nu leren volgens hun eigen leerstijl, precies op maat. Nadelen kan ik tot op heden niet bedenken en dus zie ik geen reden om dit niet in te voeren op scholen. Waarom niet meteen morgen hiermee beginnen?

Geen opmerkingen:
Een reactie posten